Reisverslag Costa Rica
door Gerrie van Dijk en Henk van Maaren
Dag 17 - 16 februari 2004 - Van de Golf van Nicoya naar Manuel
Antonio
“Goodbye Ensanada lodge”. Misschien niet het mooiste
en meest luxueuze hotel, maar zeker het meest sfeervolle. We rijden
langs de kust naar het zuiden. Wanneer we Puntarenas eenmaal voorbij
zijn wordt het landschap werkelijk schitterend.
We onderbreken in de badplaats Jacó voor een verfrissing
en wat boodschappen. De uitstekende, fraai verpakte Costaricaanse
koffie kun je namelijk niet alleen in souvenirwinkeltjes krijgen,
maar ook in de supermarkt. Veel goedkoper uiteraard. In het zeer
toeristische Jacó is het druk. Veel toeristen uit binnen-
en buitenland.
Voorbij Jacó verandert het landschap. Eindeloze landerijen
met oliepalmen.
We passeren Quépos en vinden ons hotel aan het eind van een
steil omhooglopend grindpad van slechte kwaliteit. Hotel El Parador
blijkt heel luxueus te zijn. Ook hier wordt ons meteen bij aankomst
een welkomstdrankje in de hand geduwd.
We hadden ons voorgenomen van hieruit geen tochten meer te maken,
maar uitsluitend te proberen om nog wat kleur op onze bleke Hollandse
winterlijven te krijgen. Aan de rand van het zwembad beginnen we
daar direct na aankomst mee.
Dag 18 - 17 februari 2004 - Manuel Antonio National Park
Vlak achter het hotel bevindt zich een kleine baai met een helder
wit strand. Te voet moet je langs een steil afdalend pad door
een strook bos om er te komen. Er zijn maar weinig mensen op het
strand. Wel is het er schroeiend heet. Alleen in de schaduw van
de bomen is het uit te houden. Verbijsterend genoeg ligt de temperatuur
van het oceaanwater boven je lichaamstemperatuur.
Wanneer we ons s’avonds omkleden voor het diner valt de
elektriciteit uit. We behelpen ons met een zaklantaarntje. Op
die manier vinden we ook de auto, waarmee we naar Quépos
willen rijden. We zijn het terrein van het hotel nog maar nauwelijks
af of we zien iets vreemds op de weg lopen. We stoppen en in het
licht van de koplampen zien we een miereneter die traag de weg
oversteekt en in het struikgewas verdwijnt.
In Quépos blijkt de storing in het elektriciteitsnet inmiddels
opgelost te zijn. We eten in een sfeervol Mexicaans restaurantje.
Dag 19 - 18 februari 2004 - Manuel Antonio National Park
 Vandaag
dezelfde routine als gisteren. Het strand is nog stiller dan de
dag ervoor. In de schaduw van een boom is het heerlijk. Zo nu
en dan ruiken we vaag de typische “dierentuingeur”
die meestal de aanwezigheid van apen verraadt. We zien ze echter
niet.
Later dwingt de opkomende vloed ons naar een andere boom te verhuizen.
Ook hier weer die apenlucht. We kijken nog maar eens omhoog…
en kijken recht in het gezicht van een doodskopaapje. Recht boven
ons zit een hele zwerm. Ze zijn bang en nieuwsgierig tegelijk.
Eén voor één komen ze naar ons kijken en
vluchten dan geschrokken van hun eigen moed weer tussen de bladeren.
Dat gaat een half uurtje zo door.
In de middag zitten we op een schaduwrijk terras bij het zwembad.
Op z’n dooie gemak scharrelt een leguaan van zeker een meter
lang tussen de tafeltjes door. Niemand slaat er acht op.
Hoewel de meeste hotels betrekkelijk leeg waren geldt dit niet
voor El Parador. De streek rondom het Manuel Antonio National
Parkis erg toeristisch.
Desondanks zien we gewoon vanaf het balcon van onze hotelkamer
iedere dag een handvol vogelsoorten die we nog niet eerder gezien
hadden en waarvan sommige oogverblindend mooi gekleurd zijn.

|