Rondreis Kleine Sunda-eilanden
Van Bajawa naar Moni bij de Keli Mutu vulkaan
Jo en Rita de Wilt, 25-11-2005
Dit wordt weer een mooie en afwisselende reisdag. Met onze auto
en goede chauffeur is het wel heel comfortabel reizen. Met het
openbaar vervoer zou het echt een stuk moeilijker zijn en het
kost erg veel tijd. We stoppen nu op heel veel plaatsen en de
chauffeur brengt ons naar zeer bijzonder plekken, omdat hij de
route heel goed kent.
We rijden door een rustig, maar wel afwisselend landschap. Via
de plaats Ende (moslims) rijden we naar Moni. We stoppen even
bij een strand, waar vrouwen groene, serpentijnachtige stenen
verzamelen in het zeewater. Vervolgens sorteren andere vrouwen
onder een dakje van palmbladeren de stenen met behulp van een
veelgaten-zeef op grootte. De zakken met stenen transporten ze
naar de Javaanse porcelein-fabrieken.
Om 16.00 uur zijn we in Moni, waar we samen met een gids naar
de ‘Kampung’ gaan. In deze dorpjes staat in het midden
een ceremonieel huis met een heel hoog, smal tabs toelopend dak.
We mogen even plaats nemen op de lage bankjes van de clan. De
gids geeft uitleg van de gebruiksvoorwerpen en symbolen. Hier
wordt volgens de Adat-wetgeving rechtgesproken. Adat gaat boven
de Indonesische wetgeving. Na afloop worden we vriendelijk verzocht
een (niet te kleine) donatie in de maan-mand te doen.
’s Avonds zijn we met de chauffeur gaan eten. Rond 20.00
uur wonen we met ons tweetjes een dansvoorstelling bij, waarvan
de bamboe-dans een echt hoogtepunt is. Niks professioneel, gewoon
op blote voeten in het zwarte zand in de tuin tussen de bamboe-woningen.
Maar wel echt goed en leuk om naar te kijken. Een achttal vrouwen,
twee jongens en een groep muzikanten verzorgen de dansvoorstelling.

|