Reisverslag van een reis door Thailand, Cambodja & Laos
Van Vieng Poukha naar Chiang Khong in Thailand
Houkje van Randen en Henk Meesters, 7-8-2007
Na
een prima, uitgebreid ontbijt met thee, koffie, rijst met omelet,
banaantjes en heerlijk sappige ananas verlaten we om negen uur
dit vriendelijke guesthouse, waar een overnachting slechts 30.000
Kip (3 ½ dollar) kost, per kamer.
De weg is prima en we rijden in een rustig tempo door het mooie
berglandschap met af en toe een dorpje en regelmatig ook boomloze,
groene heuveltjes met “mountain-rice”.
Na een uur wordt de weg wat slechter en even lijkt het, dat men
tot hier gekomen is met asfalteren. We verwachten al een dirtroad
op het laatste stuk, maar het blijkt dat de weg al gerepareerd
wordt, voordat het gehele traject geopend is!
En dan passeren we ineens, bij een dorpje, een man met een werkolifant.
De eerste die we deze vakantie zien. In Cambodja en Laos worden
nog veel olifanten gebruikt bij het werk in de bossen, maar die
hadden we steeds gemist. En zo zien we op de valreep toch nog
een!
De weg kronkelt verder als een slang door het beboste berglandschap
en na een klein stukje dirtroad komen we in een brede vallei met
vrij droge sawa’s, stenen huizen en reclameborden. Even
later stoppen we in het drukke, toeristische grensdorpje Huai
Xai, het eindpunt van onze rit in dit privé-busje.
We lopen langs enkele souvenirwinkeltjes en restaurantjes, slaan
dan rechtsaf en komen zo uit bij de grensovergang aan de Mekong.
Vlot krijgen we een stempel in het paspoort en even later zitten
we in een bootje, dat ons van Laos naar Thailand brengt.
We komen net iets naast de officiële steiger uit en klauteren
met onze bagage de modderige oever op (past wel bij onze reis).
Dan vullen we hier de immigratieformulieren in, krijgen de volgende
stempel in ons paspoort en zo zijn we weer officieel in Thailand.
 Met
een tuk-tuk rijden we naar het Ruan Thai Sophaphan Resort, waar
de vrouw des huizes ons direct hartelijk verwelkomt: we werden
al verwacht (hier wel!).
We krijgen een mooie ruime kamer op de hoogste verdieping van
dit schitterende houten gebouw, met veel familiefoto’s aan
de wand. Vanaf de houten veranda hebben we een prachtig uitzicht
over de Mekong en het groene, nu zonnige Laos aan de overkant.
Na een lunch (heerlijke fried noodles) gaan we om drie uur (als
het ietsje minder warm is) het dorpje Chiang Khong in. Eerst naar
links, richting haventje en onderweg genieten we van een heerlijke
cornetto (het kan weer!). Dan naar rechts, langs wat restaurantjes,
winkels, reclameborden, een zaakje met sterke espresso (ook heerlijk!)
en een paar tempeltjes. Uit de laatste komen monniken lopen, nu
niet met bedelnap, maar met schooltas!
Via de rivierkant gaan we terug en bij een restaurantje naast
het hotel nemen we een fruitshake(met veel ijs). Ondertussen kijken
we naar de man, die even oefent met zijn golfstick: de ballen
slaat hij in de Mekong!
We eten deze avond, dankzij de “verkooptechniek”
van onze gastvrouw (en kokkin), in het hotel zelf: donkere rijst
met rode curry, kip met gember en catfish. Het smaakt prima!

|